Weer naar huis

De eerste dagen na de derde kuur waren zwaar. Heel erg zwaar. Ik was heel erg vermoeid en had best veel pijn. Op vrijdag 17 juli moest ik weer naar Nijmegen voor de korte Bleomycine kuur. Deze kwam een dag vroeger dan normaal omdat de 5-daagse kuur een dag was uitgesteld in verband met de schimmelinfectie in mijn keel.

Mijn lichaam was dus al vermoeid en had nu ook nog een dag minder gehad om te herstellen.

 

Toen ik ’s middags op de bank lag ging het met de minuut minder goed. Ik voelde me beroerd en nam daarvoor medicijnen in. Deze zorgden weer voor pijn op de borst en buikkrampen. Om deze pijnen te verzachten heb ik Oxynorm pijnstillers genomen, maar niets hielp. Ik wist het even niet meer…

Na een uurtje ben ik naar boven gestrompeld en ben op bed gaan liggen. Gelukkig viel ik snel in slaap en heb ik goed kunnen slapen.

De volgende morgen voelde ik me nog steeds niet helemaal lekker. Mijn lichaam voelde helemaal “op” en zelfs de kleinste inspanning kostte me de grootste moeite.

’s Middags was ik het helemaal zat. Ik lag nog steeds op de bank en ik werd even boos op mezelf. “Kom verdomme eens van de bank en ga eens wat doen!”, zei ik tegen mezelf. Het kostte me veel pijn en moeite, maar een uur later voelde ik me goed en was ik blij dat ik mezelf even opgepept had.

 

Op zondag 19 juli was de verjaardag van mijn peettante. Daar wilde ik heel graag even heen en daarom heb ik op zaterdag lekker rustig aan gedaan zodat ik zondag wat puf had om even naar de verjaardag te gaan. Toen ik zondag een klein uur op bezoek was geweest was ik bekaf, maar ik had mijn doel gehaald!

De dag erop begon met diarree. Heb een uur of twee niets anders gedaan dan sprintjes trekken van de bank naar de wc en weer terug. Ach ja, zo bleef ik in ieder geval wel in beweging.

Toen de diarree over was voelde ik me best redelijk. Op een gegeven moment ga je de lat ook lager leggen. Een paar maanden terug zou ik zeggen dat ik me niet lekker voelde, maar nu was ik veel sneller tevreden.

Het enige dat nog best pijn deed was een bloedvat in mijn linkerarm. Hier heeft telkens het infuus ingezeten en was tijdens de derde kuur op de een of andere manier ontstoken geraakt. Het vat voelde heel hard aan en ik kon mijn arm niet strekken. De volgende kuren zouden ze dus het bloedvat in mijn rechterarm gaan gebruiken.

 

Ondertussen ging het elke dag steeds beter. Ik was steeds beter in staat om lange perioden te zitten en redelijke wandelingen te maken. Af en toe hebben we zelfs familiebezoekjes kunnen doen.

Op donderdag 23 juli ging de telefoon. Het was een keer niet iemand die me een schitterende aanbieding deed om de energieprijzen vast te zetten, maar iemand van het Radboud. Eigenlijk zou ik op zaterdag terug moeten komen voor de Bleomycine kuur, maar het bleek dat er teveel opnamen gepland waren voor zaterdag, dus werd mijn kuur verplaatst naar vrijdag.

Het was even omrijden want de intocht van de Nijmeegse Vierdaagse was ook op deze dag. Na de controles kreeg ik de chemo toegediend en even later kon ik weer naar huis. Thuis ging het best goed, maar na het avondeten ging het ineens weer bergafwaarts. Na even op de bank gelegen te hebben nam ik mijn medicijnen in en ben gaan slapen.

De dagen erop ging het beter en beter. Op maandag 27 juli had ik ’s middags even een dipje. Waarschijnlijk had ik in de ochtend teveel gedaan en was ik daardoor erg moe. Na een paar uurtjes slaap voelde ik me nog slechter. Gelukkig wist ik uit ervaring dat het na een uurtje vaak wel weer beter ging. Dat was ook deze keer weer het geval.

 

’s Avonds werd in Boxmeer de wielerronde “Daags na de Tour” verreden. Ik voelde me prima en het weer was ook redelijk dus besloot ik samen met mijn vriendin te gaan kijken. We zouden wel kijken hoe lang ik het vol zou houden. Het ging zo goed dat ik eigenlijk wel vond dat ik een pilsje verdiend had. Ze smaakten prima. Zelfs na tweeënhalve maand geen alcohol gedronken te hebben ging een pislje er goed in. Wel voelde ik ze razendsnel naar mijn benen zakken. Mijn bier-drink-conditie zal dus straks weer opgebouwd moeten worden…

 

Uiteindelijk hebben we de hele wedstrijd af kunnen kijken en ben ik naar huis gelopen. De heenweg had ik namelijk achterop de fiets gezeten. Terug wilde ik perse lopen.

Op woensdag was het weer tijd om naar het ziekenhuis af te reizen om daar foto’s te laten maken van mijn longen. Daarna liepen we naar de afdeling Oncologie omdat ik in de veronderstelling was dat de andere onderzoeken ook gedaan zouden worden. De secretaresse schrok van mijn komst en vertelde dat ze me pas op donderdag verwachtte. De onderzoeken werden, in tegenstelling tot de andere opnamen, pas op donderdag gedaan en als alles goed was zou de kuur vrijdag starten.

We gingen onderweg naar de parkeergarage toen opeens mijn mobiel ging. Het was de verpleegster om te vertellen dat ze toch graag op donderdag met de kuur wilden starten omdat de korte Bleomycine kuren anders op zaterdag zouden zijn en dat hadden ze liever niet.

Gelukkig maar…

Leave a Reply!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *