Maleisië 2012

De heenreis
Op zondag 26 augustus was het dan eindelijk zover: onze reis naar Maleisië kon beginnen. We hadden onze inentingen gehad en voor een paar honderd Euro aan Malariapillen konden we met een gerust hart op weg naar Schiphol.
De ouders van Fleur brachten ons weg, dus konden we lekker van onze – voorlopig laatste – Hollandse regen genieten op de achterbank. We waren ruim op tijd, dus dronken we nog een heerlijke kop koffie, waarvan Op Schiphol de prijs per liter hoger is dan de inkt van een cartridge voor de printer. Om iets over 12 vertrokken we met Malaysia Airlines rechtstreeks naar Kuala Lumpur. We hadden ieder ons eigen scherm waarop we films, spelletjes, televisie enz. op konden kijken. Ook werden we prima voorzien van diverse maaltijden.
Om 6.15 uur lokale tijd landden we op Kuala Lumpur International Airport en nadat we door de douane gegaan zijn kon de zoektocht naar de koffers beginnen. Na even zoeken bleek dat we in een soort van trein-achtig-iets-zonder-machinist moesten stappen, dat ons vervolgens naar de bagageband bracht.
Daarna hebben we wat gedronken en Maleise Ringgits gepind en gingen we op zoek naar een bus die ons naar het centrum kon brengen. Eenmaal bij de bussen aangekomen werden we bijna aangevallen door een buschauffeur die vroeg waar we heen wilden. We vertelden dat we naar het centrum wilden en voor 20 Ringit (zo’n EUR 5,-) konden we samen naar KL Sentral. Eenmaal op KL Sentral hebben we de LRT monorail genomen naar de Petronas Twin Towers (de hoogste twin towers ter wereld) die in de buurt van ons hotel stonden.

We moesten dan wel aan de andere kant van de torens zien te komen. Toen we zagen dat er een gigantische shopping mall onder de torens zat hadden we niet zo’n moeite om dat stuk te lopen. Het was, zoals de meeste gebouwen, voorzien van een airco waardoor we eerder aan een jas dachten dan aan de hitte. Vooraan de torens wilden we een poging doen om naar het hotel te lopen, maar de vermoeidheid en hitte vertelde ons dat we beter een taxi konden nemen. We vroegen een vrouw waar we een taxi of bus konden vinden en ze ging gelijk voor ons rondvragen. Binnen een minuut had ze een taxi voor ons geregeld en hadden we kennis gemaakt met de vriendelijke Maleise bevolking.
Eenmaal aangekomen in het hotel hebben we toch even geslapen en zijn we tegen de avond nog even rondgelopen en een tweetal shopping malls bezocht. Daarna kwamen we bij een soort café waar we een pilsje gedronken hebben. We waren al gewaarschuwd dat alcohol duur was, maar bijna EUR 9,- voor een Leffe blond was inderdaad veel, maar ach…het is vakantie.

Kuala Lumpur
Thuis hadden we gezien dat op 31 augustus het Merdeka (onafhankelijkheidsfeest) was waarop we besloten hadden om wat langer in Kuala Lumpur te blijven zodat we dit feest mee konden maken.
Op dinsdag 28 augustus zijn we met de monorail naar de Batu Caves gegaan. Het openbaar vervoer is erg goed geregeld en kost erg weinig. Voor de grotten staat een 43 meter groot beeld van Heer Murugan. Het viel niet mee om de 272 treden naar boven te nemen, maar eenmaal boven met een zweet doorweekt T-shirt is het uitzicht prachtig.
De terugreis ging niet geheel vlekkeloos. We namen een verkeerde monorail doordat een niet goed Engels sprekende man van de beveiliging ons de verkeerde kant op wees. Nadat we een vriendelijke student nogmaals de weg hadden gevraagd konden we eindelijk naar ons hotel toe.
’s Avonds waren we van plan om nogmaals met de monorail te gaan. Dit keer wilden we naar Chinatown, maar we waren niet bepaald de enigen met dat idee. Dus toch maar een taxi genomen. Het was prachtig om te zien; we werden van alle kanten aangevallen door mensen die ons DVD’s, horloges, zonnebrillen, schoenen of T-shirts wilden verkopen.

Chinatown (Maleisië)

Chinatown (Maleisië)

We hebben de drukte even ontvlucht en kwamen bij de Sri Maha Mariamman Temple (belangrijkste Hindoe tempel van Kuala Lumpur) uit. De entree was gratis, we moesten alleen een paar Ringgit betalen voor het bewaren van onze schoenen. Toen we even rondgekeken hebben gingen we op zoek naar onze schoenen. We waren even bang dat ze die in de tussentijd op de Chinatown markt verkocht hadden, maar gelukkig zaten ze nog netjes in het mandje.

Merdeka
Tijdens een bezoek aan de Petronas Towers en het aangrenzende park zagen we dat er flink uitgepakt werd met het vuurwerk dat op 30 augustus de lucht in zou gaan. Tegen de avond werd er al flink gerepeteerd voor Merdeka door drum- en dansgroepjes.
Via de app van Agoda hadden we ons volgende hotel geboekt in Kuala Lumpur. We besloten te voet te gaan en dat was prima te doen. Het eerste deel was in een door airco gekoelde loopbrug, dus alleen het laatste stuk liepen we in de volle zon.
Toen we aankwamen bij het Maya Hotel werden we aangenaam verrast. Wat een prachtig hotel en vriendelijk personeel! We kregen een gratis upgrade naar een Honeymoon Suite. Ook konden we gebruik maken van het zwembad en had het hotel een prachtig Sky terras vanwaar je de Petronas Towers bijna kon aanraken.
’s Avonds zijn we te voet naar het park voor de towers gelopen. Wat een mooi gezicht om honderden Maleisiërs uit hun dak te zien gaan. Vlak voor het vuurwerk werd er een show gegeven met de fonteinen. Na het volkslied volgde het vuurwerk en konden we ons bed op gaan zoeken. In de ochtend hadden we namelijk toch wat last van de vliegreis.
Als je in Kuala Lumpur bent mag natuurlijk een bezoek aan de Menara Tower niet ontbreken. Vanaf boven heb je een schitterend uitzicht over de gehele stad.
Tijdens ons verblijf in Chinatown zijn we naar Berjaya Times Square gelopen. Een grote shopping mall waar ook een achtbaan in zit. Prachtig gezicht om de wagentjes tussen de winkels door te zien scheuren.
Omdat we alle bezienswaardigheden in de stad wilden zien hebben we ook nog een Hop-on-hop-off buskaart gekocht. Daarmee rijd je per bus langs alle mooie plekken van KL en kun je in- en uitstappen wanneer je wilt. Zo hebben we het paleis Istana Negara nog gezien en ook Merdeka Square. Tenslotte zijn we uitgestapt bij het Lake Gardens park. Het was heel erg heet, maar het was een mooi park. Om eerlijk te zijn was dit de tweede keer dat we er waren. We waren er een paar dagen terug ook geweest, maar konden niet vinden waar de ingang was. Ook liep er niemand om het te vragen en aangezien de lucht wat donker begon te kijken hebben we maar een taxi genomen die ons naar het hotel bracht.

De jungle

Omdat we bijna naar Borneo zouden vertrekken hebben we ons boeltje weer ingepakt en hebben we een taxi gezocht naar Dengkil. De chauffeur vroeg 100 Ringgit, waarop we zeiden dat we dat teveel vonden en de bus zouden nemen. Ineens wilde hij onderhandelen, maar Rudi’s tactiek werkte niet helemaal. Achteraf was een voorstel van 20-25 Ringgit misschien ook wel wat aan de magere kant.
Uiteindelijk zijn we toch voor 24 Ringgit in Dingkil gekomen. Dengkil ligt vrij dicht bij het vliegveld, dachten we. Dit was eigenlijk de eerste tegenvaller. De omgeving was saai en sober, het hotel was ondanks de recensies niet echt goed en ook de afstand naar het vliegveld was nog best groot.
Toen we wat gingen eten bij een leuk restaurantje werd alles toch weer goedgemaakt. We waren als blanken een ware attractie en het personeel vond het geweldig dat we kwamen eten. We wilden een cola bij het eten, maar dat kenden ze niet. Toen ze met handen en voeten uitlegden dat ze wel een soort appelsap hadden, gingen we daar maar voor. Hun Engels was een beetje als ons Maleis, dus de communicatie liep niet echt vloeiend. We hadden overigens nog nooit zo’n lekkere en verse appelsap gehad. Ook het eten was heerlijk. Toen we ook nog wat fooi gaven waren ze helemaal gelukkig en wij dus ook.
De volgende dag zijn we met Air Asia naar Sandakan gevlogen. De vliegtuigen waren niet echt voor lange Europeanen gemaakt, maar we hadden geluk dat de 3e stoel van de rij niet bezet was, dus konden we diagonaal gaan zitten.
Eenmaal geland konden we een taxi zoeken en richting Uncle Tan Bed & Breakfast in Sepilok rijden. Daar zouden we een nacht verblijven alvorens we naar de echte jungle zouden gaan en hopelijk wat wilde dieren gaan spotten. Het was allemaal wat primitief, maar nog niets vergeleken met de jungle, dus we konden rustig wennen.
Inmiddels waren we ook begonnen met het slikken van de Malerone Malariapillen. Ondanks de spookverhalen die we gehoord hadden, vielen de bijwerkingen erg mee. Hoogstens wat vreemde dromen, maar verder niets.
Na een goede nachtrust werd ons gevraagd of we naar de Orang Oetan opvang wilden, maar we wilden dat eigenlijk bewaren voor als we terug waren uit de jungle. Toen werd ons gezegd dat we ook naar het Rainforest Discovery Center konden lopen. Het zou 10 minuten zijn. Ondanks flink doorstappen waren het uiteindelijk toch bijna 30 minuten, maar het was er wel mooi. We hebben helaas geen dieren gezien.
Toen we terug waren hebben we wat gegeten en kon de reis naar de jungle beginnen. We waren met een groep van acht. Twee Spanjaarden en zes Hollanders. De broers Stijn en Joost, een stel Valerie en Philip en wijzelf natuurlijk.
Eerst hebben we in een busje zo’n anderhalf uur naar de plek gereden waar de bootjes lagen. Vanuit daar was het nog zo’n uurtje varen richting het kamp. Om te zorgen dat we redelijk snel konden doorvaren werden we met 2 bootjes vervoerd. Onderweg zagen we al wat varanen lopen, tot we ineens stopten. Eigenlijk niemand had in de gaten wat er aan de hand was, totdat de man ineens zei: “Orang Oetan!” En inderdaad, bovenin de boom zat een Orang Oetan. Een beetje beduusd en in de veronderstelling dat we er nog wel meer zouden zien ‘vergat’ ik de spiegelreflex uit de tas te halen. Eenmaal in het kamp bleek dat dit toch wel uniek was. Hopelijk dat we het geluk aan onze zijde hadden en er nog een zouden zien.
Nadat we wat rondgekeken hadden op het kamp werden de slaapplekken verdeeld. We wisten een beetje wat ons te wachten stond, maar eenmaal in onze dorm moesten we toch wel een beetje lachen; een matrasje op de grond zonder kussen, een klamboe erin en geen deur in het hutje. Verder stond er een afsluitbare ton waarin voedingsmiddelen en tandpasta e.d. ingedaan moest worden. Dit was omdat de ratten deze spullen door de tas heen konden ruiken en zichzelf vervolgens de kortste weg door de tas vraten. Prima binnenkomer leek ons. Ook als je zelf lekker rook was je aantrekkelijk voor de insecten, dus onszelf wassen met bruin rivierwater klonk ineens veel minder erg. Het was voor een goed doel.
Eenmaal gesetteld in ons onderkomen voor de komende 3 dagen kregen we nog een briefing, waarna we weer in het bootje mochten kruipen voor de nachttocht. Prachtig om te zien hoe de twee gidsen het wild wisten te vinden. We zagen verschillende uilen en andere vogels. Op het eind zagen we ook nog een krokodil. Dat was te zien aan de oranje ogen. Toen we dichterbij kwamen snelde het beest het water in, dus een foto zat er helaas niet in.
Eenmaal terug op het kamp konden we ons bed op gaan zoeken. Slapen viel niet direct mee, aangezien het heel erg warm was. Uiteindelijk zijn we toch in slaap gevallen. Gelukkig maar, want de volgende ochtend stonden we al om 5.45 uur op om wederom een boottocht te doen. Na de boottocht zouden we nog een jungle trek doen van zo’n twee uur. Daarna konden we even uitrusten om vervolgens nog een boottocht en een jungle trek te doen.

Een uil die we spotten tijdens een nachtelijke boottocht op de Kinabatangan River (Maleisië)

Een uil die we spotten tijdens een nachtelijke boottocht op de Kinabatangan River (Maleisië)

Toen we terug waren van de eerste boottocht begon het te regenen en wat te donderen. Niet eens zo vervelend want dat zorgde ervoor dat de temperatuur wat aangenamer werd. Helaas zorgde de onweer er wel voor dat het schema een beetje omgegooid werd. We deden de boottocht wat vroeger dan gepland en helaas zorgde de donkere lucht ervoor dat foto’s maken niet gemakkelijk was.
Tijdens de jungle trek ’s avonds zagen we nog prachtige vogels die zo stil in de bomen zaten dat ze opgezet leken. Alleen de gids mocht zijn zaklamp gebruiken omdat de vogels dan bijna niets zagen waardoor ze bleven zitten. Als er teveel licht was zouden ze gaan vliegen en zichzelf waarschijnlijk doodvliegen zodra ze weer in het donker waren. Hierdoor was het wel mogelijk om foto’s te maken.
Na de trek hebben we nog even een pilsje gedronken op het kamp. Inmiddels was ook de volgende groep aangekomen. Helaas voor ons bestond deze uit 9 personen. Als dit er 8 geweest waren hadden we geluk gehad omdat we dan nog een extra ochtend tocht zouden kunnen maken met de boot. We hebben toen gevraagd of er niet een uitzondering gemaakt kon worden, maar helaas. Na wat discussiëren hebben we besloten om dan maar allemaal niet te gaan. We hadden bijvoorbeeld ook kunnen kiezen om te loten, maar omdat we eigenlijk allemaal een heel goed gevoel hadden over de tocht besloten we om dan maar een beetje uit te slapen. Gelukkig ging het slapen stukken beter omdat de regen ervoor had gezorgd dat de temperatuur een stuk lager was dan de dag ervoor.
Toen we gingen ontbijten en hoorden we dat de nieuwe groep een Orang Oetan gezien had, kregen we toch wat hoop dat we er ook nog een zouden zien. We moesten immers nog een uurtje varen richting de bus. Wederom vertrokken we met twee bootjes en zouden wij als eerste vertrekken. Het geluk was weer aan onze zijde. We zagen nog een Orang Oetan en deze keer had ik de camera in de aanslag. We hadden een beter zicht op de aap als de eerste keer en ook het licht was goed. Ideale omstandigheden voor een paar mooie foto’s dus. Helaas klom de Orang Oetan naar beneden en verdween hij achter de bladeren. De tweede boot kwam wat later en kon helaas niets meer zien.
Eenmaal terug op de Bed & Breakfast wisten we dat we toch wel erg veel geluk hadden gehad. Doordat de samenstelling van de bootjes anders was, waren wij het enige koppel dat 2 Orang Oetans gezien had.

Cameron Highlands
Voor ons kon de vakantie niet meer stuk omdat onze wens, het zien van een Orang Oetan, werkelijkheid geworden was. Iets anders dat we ook graag wilden zien waren de theeplantages ‘Cameron Highlands’. We hadden al diverse foto’s gezien, maar om het met eigen ogen te zien en er zelfs doorheen te lopen is natuurlijk geweldig.
De busrit naar Tanah Rata, een plaatsje in de Highlands, was erg heftig. Het begin ging goed, maar toen we eenmaal in de bergen waren volgden de bochten en hobbels elkaar in een rap tempo op waardoor ik wat misselijk werd. We zaten ook helemaal voorin, dus wat verder naar achteren gaan zitten was wellicht verstandiger geweest. Gelukkig waren we er bijna en werden we afgezet bij een Hollands eettentje. Het was er zelfs zo Hollands dat het begon te regenen. We voelden ons ineens helemaal thuis.
Nadat we wat gegeten hadden gingen we op zoek naar een taxi. We kwamen uit bij een oud echtpaar, dat samen taxiritjes verzorgde. Het was een prachtig gezicht. Ze wisten niet waar ze ons hotel konden vinden, en ook andere locals hadden geen idee. We zijn maar vertrokken en wonder boven wonder reden we er ineens heen. Het bleek nog niet zo’n oud hotel te zijn en daarom kenden ze het niet.
Nadat we onze spullen uitgepakt hadden hebben we een taxi genomen naar een theeplantage. Onder het genot van een heerlijke kop thee keken we uit over de prachtige plantage. Helaas was het uitzicht maar van korte duur, want wolken begonnen over de plantages te trekken. Het was een mooi gezicht, maar toen het begon te regenen en koud werd wilden we toch ons hotel maar op gaan zoeken. Het was zondag en er reden nauwelijks taxi’s. Dus maar even een winkeltje ingelopen en gevraagd of de man een taxi kon regelen. De man begon direct voor ons te bellen en regelde in no-time een taxi. We wilden hem wat geven voor de moeite, maar hij weigerde. Weer een prachtig voorbeeld van de vriendelijkheid van de Maleise bevolking.

Cameron Highlands (Maleisië)

Cameron Highlands (Maleisië)

 

Na een prima nachtrust wilden we een poging gaan wagen om dit keer de grootste plantage (BOH tea plant) te gaan bezoeken.
Een aardige taxichauffeur waarmee we aan de praat raakten vertelde ons wat over de thee en reed ons naar de plek waar we het beste uitzicht hadden over de velden. We hadden graag een rondleiding door de fabriek gedaan, maar de thee wordt altijd een dag na het plukken verwerkt. Omdat de plukkers op zondag vrij hebben is de fabriek op maandag dicht. Helaas waren we precies op maandag in de Highlands, dus een rondleiding in de fabriek was helaas niet mogelijk.
Tijdens de rit zijn we ook nog even gestopt bij een butterfly garden en een strawberry farm. Grappig om te zien dat de aardbeien in Maleisië een stuk kleiner zijn dan in Nederland. Ook smaken ze wat minder zoet. Nadat we een beker verse aardbeien sap en milkshake gehad hadden zijn we richting het hotel gereden. Onderweg hebben we samen met de taxichauffeur nog buskaartjes gekocht die ons naar Penang zouden brengen.
Nadat ik verschillende tentjes had gezien waar je jezelf voor 60 Ringgit kon laten masseren besloot ik maar eens binnen te lopen. Ik werd naar boven geleid en kwam in een donker hokje met een veel te klein matrasje. De massage was prima en als herboren kwam ik weer naar buiten. Helaas was het inmiddels gaan regenen en kon ik niet dezelfde weg terug omdat de weg opnieuw geasfalteerd werd. Na een paar keer de weg kwijtgeraakt te zijn kwam ik eindelijk drijfnat aan in het hotel.

Penang
De volgende dag zouden we naar Penang vertrekken, een schiereiland met wat strandjes en natuurlijk de stad Georgetown. Toen we de bus instapten kwamen we nog bekenden tegen. Het waren Stijn en Joost die we tijdens de Jungle Tour ontmoet hadden, die toevallig exact dezelfde bus genomen hadden. Dus wederom Brabantse gezelligheid onderweg.

Vanaf Georgetown namen we de taxi naar ons hotel. Onderweg begon het flink te regenen, dus ons beeld van lekker op het strand liggen met een cocktail werd helaas geen werkelijkheid. Toen we op onze kamer kwamen viel ons op dat de kamer niet schoon was. Vervolgens hoorden we ook nog dat ze in de aangrenzende kamer aan het klussen waren, dus besloten we toch maar even naar de receptie te gaan. Zonder probleem kregen we een nieuwe, nog grotere, kamer aangeboden. We hadden zicht op zee, dus hier konden we onszelf wel een paar dagen vermaken.
Na een paar dagen relaxen en bezoekjes aan de bezienswaardigheden op Penang gingen we weer richting Kuala Lumpur, vanwaar we weer verder reisden naar Melakka.

Melakka
Volgens de boeken was Melakka een stad die we zeker niet over mochten slaan tijdens onze vakantie in Maleisië. De reis begon niet geheel vlekkeloos. Nadat de bus later vertrok dan gepland stonden we na een half uur rijden in de file en de busreis die eigenlijk zo’n twee uur zou duren nam ruim viereneenhalf uur in beslag. Eenmaal aangekomen op het centraal station van Melakka zochten we een taxi naar het hotel.
Helaas moesten we ook in dit hotel weer van kamer ruilen omdat de kamer vol zat met mieren. We besloten even op internet te kijken naar een bus die ons over een paar dagen terug zou brengen naar Kuala Lumpur. Volgens de website waren er geen bussen meer beschikbaar…PANIEK!…
Omdat we de vorige busreis naar Penang ook maar ternauwernood kaartjes wisten te bemachtigen gingen we in plaats van wat rondkijken maar zoeken naar een bus die ons naar het station zou brengen. Ik citeer even het gesprek met een lokale scholier;
Ik: “Wachten jullie ook op de bus?”
Scholier: “Ja, inderdaad.”
Ik: “De bus naar het centraal station?”
Scholier: “Ja, daar wachten we ook op.”
Ik: “Hoe laat komt hij?”
Scholier: “Geen idee. We weten eigenlijk niet eens of er überhaupt een bus komt.”
Zo, en daar stonden we dan met zo’n twintigtal scholieren, niet wetende of er een bus komt. Op een gegeven moment komt er een jongen naar ons toe die een zwarte taxi had gevonden. Hij moest ook naar het station en wilde de ritprijs met ons delen. Prima deal, leek ons en zo wisten we toch nog voor een mooi prijsje op het station te komen.
Ook hadden we gelukkig nog een ticket voor de bus zien te bemachtigen, dus we konden eindelijk gaan genieten van de stad. We gingen richting de taxi counter voor een taxi. De man vroeg waar we heen moesten, dus zeiden we: “Sunflower hotel.” De man keek wat vreemd want hij wist niet precies waar het was. Begonnen er ineens drie man te roepen: “Sunflowel hotel, Sunflowel hotel! Yes!” We moesten ons echt inhouden om niet in lachen uit te barsten. Na wat roepen en wijzen hadden de mannen onze taxichauffeur eindelijk zover dat hij wist waar hij heen moest.
Omdat we niet echt in het centrum zaten van Melakka besloten we om onze tweede, en laatste dag iets te zoeken in het centrum. We kwamen uit bij Café 1511 Guesthouse in de wijk Jonker Walk. Het was een prachtig pand op een prima locatie en uiterst vriendelijk personeel.

We hadden geluk dat we op zondag waren omdat er elke zondag een nightmarket was. Wat een gezelligheid, maar wat een drukte. Er reden fietstaxi’s (Becak) rond die behalve twee toeristen ook nog eens met een complete geluidsinstallatie inclusief subwoofer en verlichting rondreden. Een hell-of-a-job voor de chauffeurs, maar ze deden niet anders dan lachen.
We waren blij dat we Melakka bezocht hadden, want het is een prachtige stad die wat ons betreft niet mag ontbreken tijdens een rondreis in Maleisië.

De laatste daagjes
Op 17 september vertrokken we weer richting Kuala Lumpur om daar nog een tweetal dagen te blijven alvorens weer terug te vliegen naar Amsterdam. De terugreis met de bus ging deze keer gelukkig wel in de twee voorspelde uurtjes en voor we het wisten stonden we weer in de hoofdstad van Maleisië.
We wilden nog een paar delen bezoeken die we nog niet gezien hadden. Eén daarvan was het Mines Shopping Mall in Serdang. We gingen eerst met de LRT (monorail) naar KL Sentral en daarna met de KTM (trein) naar Serdang. Het ging deze keer vlekkeloos en we reden rond alsof we nooit anders gedaan hadden. Vervolgens konden we op zoek naar de mall, en deze bereik je niet te voet, niet met de auto, maar je vaart gewoon binnen. Er bevindt zich namelijk een rivier midden in het winkelcentrum. Verder zitten er onder andere een grote automatenhal en een complete bowlingbaan in. Het was niet moeilijk om hier een halve dag rond te kijken. In de avond zijn we nog naar het Titiwangsa Park gegaan. Met name ’s avonds heb je hier een mooi zicht op de skyline van Kuala Lumpur en zie je in één oogopslag de verlichtte Twin Towers en Menara Tower.
Ook wilden we nog graag het Merdeka Square in het donker zien. Met name het Abdul Samad gebouw is prachtig verlicht. Na een flink aantal foto’s gemaakt te hebben konden we ons op gaan maken voor de laatste nacht van onze rondreis door Maleisië.

Circuit Sepang
Op woensdag 19 september zouden we om 23.55 uur weer terugvliegen naar Amsterdam. ’s Ochtends hebben we eerst lekker uitgeslapen en hebben we rustig aan gedouched. Daarna hebben we uitgecheckt en de bus genomen naar Kuala Lumpur International Airport. Gelukkig konden we ’s middags al inchecken en de backpacks afgeven zodat we die niet meer mee hoefden te sjouwen.
Na een lunch zijn we met de taxi naar Sepang F1 Circuit gegaan en hebben we daar een circuit tour gedaan. Prachtig om te zien en we mochten in ruimtes komen waar normaal gesproken niemand in mag zoals de Race Control Room en de Time Keeping Room. In de Race Control Room hangen een twintigtal schermen waarop de race nauwlettend in de gaten gehouden wordt en eventuele onreglementaire acties in detail kunnen worden teruggekeken. Het is zelfs mogelijk om de camera te bedienen en in te zoomen op de kleinste details.
Ook mochten we op het ‘Winners podium’ staan en een kijkje nemen in de VIP ruimte waar tijdens de race onder andere het koningshuis zit. Kortom een mooi kijkje achter de schermen en een mooie afsluiting van een geweldige vakantie!

Uitzicht op de skyline van Kuala Lumpur vanaf het Titiwangsa park (Maleisië)

Uitzicht op de skyline van Kuala Lumpur vanaf het Titiwangsa park (Maleisië)

Leave a Reply!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *